mijn vader
mijn vader is dood
mis hem elk jaar
nooit meer samen een gezin
en voel me soms alleen
mijn vader is dood
mis hem elke maand
nooit meer praten over de dag
en hoor ik niet zijn stem.
mijn vader is dood
mis hem elke week
nooit meer werken in de tuin
en draag ik dan zijn trui
mijn vader is dood
mis hem elke dag
nooit meer samen lopen
en voel ik niet zijn hand
mijn vader is dood
mis hem elk uur
nooit meer moeten wachten
en ruik ik zijn after shave
mijn vader is dood
mis hem elke minuut
nooit meer foute humor
en hoor ik zijn schaterlach
mijn vader is dood
mis hem elke seconde
nooit meer goed bedoeld advies
en er keihard tegen in gaan
mijn vader is dood
mis hem al 19 jaar
ik hou ontzettend veel van hem
maar ja, dood dus
Moderne tijd
gevels zijn droog geweven
donker steengruis vermaald
de levenservaringen van eindig
waar ooit gewerkt werd
tot het porcelein aan de hemel rees
hangt nu een uithangbord
geplastificeerde reclamezuilen
met schreeuwende leestekens
van uitverkoop en korting
faillissement aangevraagd
Nachtkaars
zonnestralen vallen zacht
prikkelen de huid
die gewend was aan dat andere
waar het leven zo vol van was
warmte stijgt als folklore
zorgzaam zoals zovelen
bloesemgeur van onbekenden
trekken voorwaarts waar het hoort
gevoel blijft zich verzwaren
ondanks warmte en de zon
de juiste metafoor blijft toch
een nachtkaars zonder enkele zoen
Och, was ik maar een ware dichter
och, was ik maar een ware dichter
zonder zelfspot rende ik me rot
al zuigend aan een pijp
een baard laten staan
mijn kleding tot het diepst versleten
de vrouwen zijn verzot
een ware dichter herkent men
aan liefdevol gerijmel
mooie zinsneden opbouwend
op momenten van weleer
door niemand werkelijk begrepen
maar vormgevend aan veel meer
al kijkend naar het domme volk
geen boek gelezen, hoe kan het toch
nee, luisterend naar mijn diepe wezen
dat verhoogt uw aller geluk
een mengelmoes van mooie woorden
als staand met mijn notitieblok
vrienden komen vrienden gaan
niemand heb ik echt nog nodig
als uitgesproken waar talent
zullen velen mij bekoren
zolang ik maar mijn rijmsels deel
waarvan men mij herkent
och was ik maar een ware dichter
dan proefde ik de roem
dan stond ik niet in deze wereld
onbegrepen maar zo gewild
helaas ben ik een botte hork
en ik mis hier en daar wat fatsoen
Okerrood
okerrood als de dood
begint de dag
met volledige verdwazing
kleurenblind als eender
nimmer gestorven
maar zo okerrood
als de dood
Onbetamelijk verlangen
onbetamelijk verlangen,
kijkend naar gelukkige momenten
twee duiven tezamen
gras wat ruikt naar versheid
een lucht zo blauw
dat kobalt lijkt te vervagen
bedenk ik diep,
in mijn altijd roepende hart,
dat het leven best mooi is
alleen sta ik al zo lang op wacht
Pianissimo
zacht aangeraakte tonen
van zwart naar het wittere
sneller dan mijn ogen volgen
op gevoel gaat dit geluid
verder en sneller
hoger
lager
de juist gelegen gebieden
te verkennen
onder de noemer van het alom bekende klassieke pianissimo
dreunt het mezzoforte intens
door de geluidswal
van
gevoel
Pijnlijk besef
lijkend op onoverwinnelijk
al schreeuwend naar de wereld
en nooit neer te gaan
het diepste gevoel van verleden
de pijn lijkt onbedwingbaar
verscheurd vol tranen, niets om te stoppen, tergende gevoelens de baas blijvend besef je zo schamper
de waarheid is bruter
door het besef van dit leven
waar de winnaar nog moet bestaan
Polderzombies
overlopend van geweten
alsmaar verder
met goede raad
juiste woorden op bestelling
moreel verantwoord
zoals hij gaat
mening gevend als een ander
ondoordacht
maakt niemand kwaad
bekwaam in de massa
repeterend
alles wat een ieder blaat
het fatsoen dat is belangrijk
veiligheid
nooit echt een daad
het grote gevaar is niet geweken
polderzombies
zijn hier de maat
Samenraapsel
onvoltooide grafheid
van verlegen,
fladderende woordkeuzes
vliegen
door de waanzin
van het onverwerkte samenraapsel,
wat zich
"gistende maaginhoud"
noemt
Smachtende zeemeeuw
verloren vliegt de zeemeeuw, ver van land over het water
door een onduidelijke daad, wat hem werd verweten
vervulde zijn vlucht zich, van volle vlagen van trots
want ooit zal de zeemeeuw, voluit verrijzen
als de tijd daar zo rijp is, dat zij weer naar hem smacht
Soms
soms,
voelt het zo
zoals het kan
als het hoort
voelt het
zoals je hoopt
dat het is,
is ze daar
Stampende laarzen
lederen laarzen plonzen verdwaasd
door een wereld die niet van de ene
maar wellicht
op de andere gedachte is geplaatst
door diegene
vol verbazing en verdwaald rondkijkend
stampen de laarzen door donkere nachten
waar misschien
een lichtpunt aan de sterren-horizon is
van diegene
Sterf, gij heilig medium
sterf
sterf af tot het bot
zij die zich verheven voelen
beter dan menigeen
heiligen van juistheid
concrete compassie
met centen in de achterzak
sterf
sterf af tot het bot
zielloze zakkenvullers
van de eerste gradatie
zij die goddelijke inspiratie voelen
om de losers te laten betalen
voor de waarheid
sterf
sterf af tot het bot
diegene met het inzicht
ontdekt vanuit de boekenreeks
met korting aangevraagd
zonder levenservaring
oordelend over het gepeupel
sterf
sterf af tot het bot
ben er klaar mee
eeuwig werken voor de baas
kromliggen zonder sex
stop er mee vanaf vandaag
word een heilig medium
belastingtechnisch
met een echte eigen zaak
Tijd
ademloos
wachtend
op de verhalen
wat mijn verdoemde brein
zal openbaren
als eeuwige gesel
van de tijd
moment van bezinning
doorgaans wat eerder
maar geen gelul achteraf
de dood is daar
nu is het tijd,
voortvarend
zal mijn geest
het leven omarmen
wat geweest is
als genezing van ooit
wat nimmer was,
de verleden tijd
ademloos
wachtend
een nieuwe verpakking
wat voorbij komt,
voor de toekomstige tijd